Welke zorg biedt de wijkkliniek

Bij opname in de wijkkliniek maakt de regiebehandelaar – de specialist ouderengeneeskunde (SO), verpleegkundige specialist (VS) of physician assistant (PA) – samen met de patiënt afspraken over de doelen en verwachtingen, bijvoorbeeld over wat de oudere na opname thuis weer wil kunnen.

Vervolgens wordt daar een programma van herstel en revalidatie op afgestemd met bijvoorbeeld fysio- en ergotherapeuten. Ook bespreekt de regiebehandelaar met de oudere wat deze wel of niet aan medische zorg wil krijgen voor het geval een volgende acute gebeurtenis zich voordoet. Bijvoorbeeld wel of niet reanimeren en wel of niet laten opnemen in het ziekenhuis of op de intensive care (advance care planning). 

Blik op terugkeer naar huis

Vervolgens krijgt de patiënt de benodigde medisch specialistische zorg voor de acute aandoening. Bijvoorbeeld een infuus met antibiotica, lab-controles, toediening van zuurstof of medicijnen, afdrijven van vocht: laag-complexe ziekenhuiszorg. Tegelijkertijd begint de patiënt zo snel mogelijk met revalideren. Dag- en nachtritme wordt gestimuleerd door overdag aangekleed uit bed te zijn.    

Patiënten verblijven in een prikkelarme omgeving, hebben een eigen kamer en doen zoveel mogelijk zelf, zoals zichzelf wassen en aankleden. Overdag kunnen ze naar de revalidatiezaal en werken aan hun persoonlijke doelen, ondersteund en begeleid door een interdisciplinair team van zorgprofessionals. Ook de huisarts, wijkzorg en mantelzorgers worden tijdens de opname zo vroeg mogelijk betrokken. Er is een rooming-inmogelijkheid voor naasten en bezoek is altijd welkom. Alles is gericht op kwaliteit van leven, herstel en behoud van de zelfredzaamheid en zo snel en vitaal mogelijk weer naar de eigen woonomgeving. 

Kerncomponenten

Om aan de kwaliteitseisen van een wijkkliniek te voldoen, moeten de kerncomponenten van de wijkkliniek zijn gerealiseerd.